Het vierde en laatste badje van de eerste 2 lesuren is het badje waar uw voornamelijk kind oefent in het zwemmen van langere afstanden zonder dat ze kunnen staan.
De diepte van het bad begint bij 110 cm tot 170 cm.
Tot badje 4 waren de afstanden beperkt tot 5 meter maximaal. In het vierde bad wordt deze afstand vergroot naar ongeveer 12 meter.
Gelet op de diepte, kunnen de kinderen alleen langs de lijn van het tweede en derde bad staan. De rest van het bad is te diep om te kunnen staan.
De kinderen moeten dus zelfstandig de 12 meter kunnen overbruggen.
Natuurlijk blijft het herhalen en het verbeteren van de diverse slagen belangrijk.
Ook wordt er een begin gemaakt met de kopsprong (=duiken) en het zwemmen door het zeil.
Het vierde bad is het enige bad waar de kinderen tegelijk overgaan van het huidige zwemuur naar het 3e uur voor opleiding diploma A. Vaak gebeurt dat kort na het diploma zwemmen,
zodat de kinderen die in het derde lesuur zwemmen van gelijk niveau zijn.